Speler of toeschouwer.

Als speler heb je direct invloed op het spel dat je speelt. Je bent verantwoordelijk voor je keuzes, daden en acties. Gaat het goed, dan ben je succesvol; gaat het niet goed, dan draag je de consequenties.  Je erkent je eigen rol, je weet dat jij het kunt veranderen, je wacht niet af, je doet.

Als toeschouwer heb je geen invloed op het spel dat gespeeld wordt. Je kunt de spelers aanmoedigen of ontmoedigen, dus waarschijnlijk is er sprake van indirecte invloed. Maar hoe hard je ook roept, de ander moet het doen. Je vermijdt alle risico’s, vaak bevind je je in angst over wat de ander presteert: gaat het lukken of niet? Anderen beslissen over jouw gemoedstoestand; verloopt het spel goed, dan voel jij je goed - verloopt het spel slecht, dan voel jij je ook slecht. Je bent afhankelijk en je hebt geen invloed op het spel, op de uitkomst of op je gevoel.

Wat ben jij? Speler of toeschouwer?

Op momenten dat je een inzet hebt ben je de speler. Je handelt en maakt keuzes voor wat er op dat moment nodig is. Thuis organiseer je en onderneem je actie. Op het moment dat je de organisatie binnenloopt wordt er van je verwacht dat je je aanpast aan de balken op de mouwen van je meerdere en dien je je vaak te gedragen als een toeschouwer.

Waarschijnlijk wissel je regelmatig van rol als speler en toeschouwer.

Stel je komt in situatie waarin je steeds meer de toeschouwer wordt: thuis, als de context bepaalt hoe jij moet leven - op je werk, als de cultuur en het beleid de regels bepalen. Als je lichaam vermoeid raakt en uitgeput. Bezuinigingen die de ene reorganisatie na de ander veroorzaken. Vaak heb je niet eens door dat je rol als toeschouwer groeit en je vrijheid om de speler te zijn afneemt.

De toeschouwer die afwacht, wikt en weegt en geen kans ziet om hier uit te breken. Je bent emotioneel langzaam vast komen te zitten. Je zegt al niets meer want niemand luistert naar je, je denkt van alles, je energie is laag, je bent moe. Murw geslagen.  

Sta op van die toeschouwerbank en schud jezelf wakker uit deze ingedutte situatie.

Tik met je vuisten (pinkmuist) tegen elkaar. Hiermee schud je de energiehuishouding op. Spreek jezelf toe met bemoedigende woorden.

Bijvoorbeeld:

“Ik neem actie, vanaf nu neem ik initiatief en verantwoordelijkheid voor mijn situaties.”

”Ik kies er voor om speler te zijn.”